| Deze wandeling van een week maakte ik in de zomer van 1997. Een kort verslag van de etappes, voorafgegaan door enkele praktische tips en opgesmukt met foto's bied ik jullie, medewandelaars, hierbij aan. Het zou toch mooi zijn wanneer meer mensen hun wandeltips op het World Wide Web zouden plaatsen! | ![]() |
Tour du Queyras, Franse Alpen, GR 58 en GR 58C.
wel in Ceillac, St. Véran, Abriès.
niet in Ristolas, Brunissard en Montdauphin.
overal heerlijk, koel helder water.
hoog wandelen zonder gletscherovergangen. Veel beesten zoals marmotjes, gemzen, steenarenden. Bloemen. Monte Viso en omgeving.
Het skigebeuren heeft het dal van Le Guil - de hoofdader van de Queyras - verpest. De bergen worden ontsierd door pistes, wegen en de diepe littekens die ze achterlaten door de erosie. De laatste decennia zijn boeren overgegaan van koeien op schapen. Ook overgebrazing door schapen veroorzaakt erosie. De dorpen zijn - eerlijk gezegd - nogal lelijk. Niet te vergelijken met de Pyreneeën bijvoorbeeld.
Prima gîtes (half-pension circa FFR 200), lekker eten, alleen wat druk. Kamperen kan op erg veel plaatsen. Ik had een tent bij me en had niet anders gewild.
De nachttrein Parijs - Briançon arriveert om 8.12 in Montdauphin-Guillestre. De bus naar Ceillac (Cars Favier) staat klaar, alle dagen van de week. Om 9.00 uur ben je in Ceillac. De bus stopt naast een café-winkel waar je de GR-gids en 1:25.000 kaarten kunt kopen.
Klim naar Col des Estronques (2651) en afdaling naar St. Véran. Aardige wandeling om mee te beginnen.
St.Véran is vreselijk, zoals vrijwel alle dorpen in het gebied. Geen bal aan. De huizen hier worden opgetrokken uit gipsbeton, besmeurd met een grauwe stuclaag, afgedekt met plaatijzer of kunststof. Naast deze nieuwe vormeloosheid staan de oude in onbruik geraakte gebouwen in te storten.
Kamperen kan je prima aan de beek onder het dorp, op weg naar Refuge Agnel.
Refuge Agnel en Col Agnel heb ik vermeden vanwege de weg en de drukte. Van de mensen die ik gesproken heb heeft bovendien niemand het pad vanaf de Col Agnel kunnen vinden; iedereen volgt noodgedwongen de virages van de weg.
Er is een goed alternatief, een pad over de Col de St. Véran, iets ten zuiden van de Col de Chamoussière waarover de GR loopt. Deze variant - niet gedocumenteerd in het GR-gidsje maar wel aangegeven op de 1:25.000 kaart - kan ik iedereen aanbevelen. Het pad voorbij de Col de St. Véran (Italië) is min of meer geel/oranje gemarkeerd.
Het probleem is om weer op de GR uit te komen. Je moet een graat(je) over om de weg die van de Col Agnel komt te bereiken. De markeringen laten je hier echter in de steek. Wel, let op. Je daalt net zo lang af vanaf de Col de St. Véran tot je je recht boven de boerderij Grange Pian Vasserol bevindt. Op dat moment is het pad ook flink kapotgelopen door de koeien. Recht voor je zie je op de flank, 100 meter verderop, iets wat op een bunker lijkt. Links boven je zie je op de graat een ruïne van een groot huis. Klim naar dat huis (50 meter), en passeer het links. Van daar af loopt een makkelijk pad naar de weg van de Col St. Agnel, et voilá, de GR 58 C. Dus niet rechts van het huis afdalen, zoals ik aanvankelijk probeerde, want dan is er een goede kans de genoemde weg in modus volendi te bereiken.
Er is veel voor te zeggen om deze variant te nemen in plaats van de beschreven route over de Col Agnel. Het is mooier en rustiger dan de Col Agnel met zijn autoverkeer. Het nadeel van de variant is dat je de Refuge Agnel mist.
Kamperen is goed mogelijk in het dal dat vanaf Grange Del Rio oostwaarts loopt.
Mooie wandeling.
![]() |
Valle di Soustra (It.) naar Passo della Losetta. |
![]() |
Valle di Soustra, 1 km voorbij Grange Bernard (2200). |
Geen problemen hier. Indrukwekkend landschap rond Monte Viso. Er lag veel sneeuw achter de Col de Valante; vraagt om enige behoedzaamheid; ik zou er niet willen uitglijden zonder pickel in m'n handen. Overigens was dit de enige wat lastige pas op de hele route.
Deze wandeling was wat mij betreft het hoogtepunt. Monte Viso is een stevig brok gneiss, dat met z'n 3800 meter de hele Queyras domineert. De refuge du Viso is niet echt gezellig, maar het uitzicht is fraai. De rifugio Granero in Italië heeft die gezelligheid wel en ligt in een dal met fraaie rotsformaties en merkwaardig gekleurde bergkammen.
Kamperen kan je het beste een half uur lopen onder rifugio Granero: prachtig plateau met uitzicht op de vallei eronder.
![]() |
Uitzicht vanaf Refuge du Viso (Fr.) (2460) op Monte Viso (It.) (3841) en daaronder Col de Valante (2815). |
![]() |
Monte Manzol (dacht ik) (It.) (2933) N.O. |
![]() |
Vanaf bovenloop Torrent Pellice (It.) (2100) N. |
Tussen de Rifugio Granero en Rifugio Jervis in Italië proef je een pastorale sfeer die je in Frankrijk nauwelijks aantreft. Prachtig stuk. De klim naar de Col Lacroix is ook wel aardig, met het groeiende uitzicht op de vallei onder je, maar de overgang naar Frankrijk is minder interessant. Bovendien is de afdaling naar het dal van Le Guil, waar La Monta en Ristolas liggen, niet zo mooi. Dat hele dal is wat verpest: Le Guil ligt in een betonnen bak, mooi om met zo'n rubberboot af te varen. De zuid- en westhellingen zijn tamelijk kaal en dus het best te vermijden wanneer de zon hoog aan de hemel staat. Helaas is ook alle ellende die bij skieën hoort aanwezig. Troosteloos, in de zomer. DUS - ahem - STOP MET SKIEËN (of sla eens een jaartje over) (algemene oproep). Vooral de klim van Ristolas naar Collette de Gilly is verpest door skipistes
Eigenlijk kan je beter variant GR 58 B volgen, over de Col d'Urine (ik heb die naam niet verzonnen). Je ontloopt dan de lelijkheid.
In Ristolas zijn trouwens toch geen winkels. Je kan wel eten in de gîte d'étappe.
De oostzijde van de Collette de Gilly is mooi en stil. Prima kampeerplek met water en wild.
![]() |
Vallon du Torrent Pellice vanaf Rigufio Jervis (It.) richting Rifugio Granero (niet te zien). |
Afdaling naar Abriès is erg mooi, door uitgestrekte Larix bossen. In Abriès kan je alle waar krijgen die je zoekt, behalve muesli (permanent uitverkocht). De klim naar de bergmeertjes Lacs de Malrif is aanvankelijk wat kaal, maar eenmaal uit het zicht van Abriès en Le Guil wordt het interessant. De klim naar het grootste van de drie bergmeren is erg mooi, met een duizelingwekkende diepte onder je. Le Grand Laus is van alle meren die ik gezien heb in dit gebied het mooiste. Het lijkt me erg diep. Er zit forel. Je kan er prima kamperen.
Kortom, aanrader deze route.
![]() |
Dal van Le Guil, Abriès en, in de bocht van het dal, Ristolas. |
Ook een fraaie wandeling. De Pic du Malrif geeft je een mooi uitzicht op Les Écrins in het noordwesten en de Monte Viso in het zuidoosten. Vanaf daar heeft het landschap Schotse proporties, De Col de Péas wordt gedomineerd door kalkrotsen en is een droog gebied. Vanaf de Col de Péas blijft het pad lang op hoogte en dat is heerlijk wandelen. De afdaling naar Souliers voert je door een half-open bos. Souliers is een van de weinige menselijke nederzettingen in het gebied die prettig overkomen. Ik heb overnacht in de gîte d'étappe van Souliers, en kan je dat aanraden. Het eten is er voortreffelijk. Overigens zijn ook de andere gîtes in het gebied hoog aangeschreven bij wandelaars.
![]() |
Uitzicht vanaf Pic du Malrif op Le Grand Laus. |
Het Lac de Souliers is mooi, dus maak deze omweg. Later op de dag komt er veel volk vanaf de nabijgelegen weg (Col d'Izoard).
Dan volgt er een stuk dat mij echt niet kan bekoren. Het zgn. Casse Déserte stelt geen r.. voor in vergelijking met andere kalkgebergten als bijvoorbeeld de Dolomieten. En de dorpen Brunis-ard, La Chalp en Arvieux zijn grauw en lelijk, om te huilen. Misschien valt deze lelijkheid in de winter - wanneer alles toch wit is - niet op.
Geen winkel in Brunissard, waarschijnlijk wel in La Chalp. Er zijn enkele uitspanningen voor een sandwich en een kop koffie.
Ook de wandeling naar de Col de Furfande wordt deels verpest door onoordeelkundig aangelegde boswegen. Als een bosweg niet meer voldoet wordt er een nieuwe aangelegd. Je vindt op weg naar de Col drie generaties boswegen. Het wandelpad is ook flink kapotgelopen.
Ik was van plan om naar de refuge de Furfande te lopen, voorbij de col, maar door een knetterend ontweer bleef ik steken in de Cabane du Plan du Vallon, net voor het begon te hozen. Daar ben ik maar gebleven.
Geen mooie route. Wel een paar mooie plaatjes geschoten aan het begin.
![]() |
Weggetje bij Souliers, 1850 meter. |
![]() |
Lac de Souliers (2492) en Crête du Tronchet (2592). |
Als de accu eenmaal opgeladen is hoeven drie cols en een kleine 2000 meter afdalen op een dag geen probleem meer te zijn.
Best een aardige wandeling. De chalets onder de Col de Furfande, waar de refuge er een van is, zijn meest gerenoveerde cabanes en veestallen. Het stuk tussen Col Saint-Antoine en Col de Moussière, langs het Lac du Lauzet, bekoorde me ook. De afdaling naar het dal van de Durance was lang, taai, maar niet onaardig.
Bezoek ook Montdauphin zelf, een oud fort. Als je geluk hebt waait er een wind door de straten waar de Mistral bij verbleekt.
Er zijn hier geen winkels, niet in Montdauphin, noch bij het station en evenmin in Eygliers. Een rol koek en een blik Cola mag evenwel geen probleem zijn in de café's.
![]() |
Col de Moussière (2352) en daarachter Col St-Antoine (2458). |